Hayakawa put uit haar eigen jeugdervaringen en situeert haar verhaal in de late jaren '80, toen de regisseur even oud was als haar hoofdpersonage.
Het verhaal ontvouwt zich door de ogen van Fuki, een 11-jarig meisje dat omgaat met de terminale ziekte van haar vader en niet meteen kan rekenen op haar moeder. Om aan de harde werkelijkheid te ontsnappen raakt Fuki gefascineerd door telepathie en trekt ze zich steeds verder terug in haar verbeelding.
De jonge actrice Yui Suzuki weet als Fuki een rijk scala aan emoties – verlies, verwondering, schuldgevoel, emotionele isolatie – op ongelooflijk knappe wijze over te brengen. Het is zo dat 'Renoir' bij momenten herinneringen oproept aan 'Moving' (1993) van Shinji Sōmai en aan het werk van Hirokazu Kore-eda (Shoplifters): fragiele films met een sterke emotionele kern. Kortom, deugddoende cinema.